Op 18 maart 2014 vertolkte WE STOOD LIKE KINGS hun live-soundtrack bij de stille klassieker‘BERLIN’ van Walther Ruttmann.
Een fotoverslag van dit unieke event:
‘Al sinds ik in de filmwereld begon, had ik het idee om iets uit het leven te creëren, om een filmische symfonie te componeren uit de miljoenen energiedeeltjes die het leven in de grootstad voortstuwen,’ zo liet Walther Ruttmann in 1927 optekenen.
En ziedaar meteen ook de samenvatting van zijn meesterwerk, ‘Berlin, die Sinfonie der Grosstadt’: de film toont het bruisende Berlijn van 1927 in al zijn glorie en opwinding- één dag in de grootstad, van net voor zonsopgang tot diep in de nacht, nadat de laatste bar zijn deuren gesloten heeft.
Bij die visuele stadssymfonie van Ruttmann componeerde de postrockgroep We Stood Like Kings een gloednieuwe soundtrack, die ze – na een uitgebreide Duitse tournee begin maart – in het Filmhuis aan het Belgische publiek komen presenteren.
Wie in 2012 op de ‘Lost & Found’-avond in het Cultuurcentrum was, kon toen al één deel van de soundtrack horen, maar dit keer brengen ze dus de volledige soundtrack, die net zoals de film zelf uit vijf akten opgebouwd is.
Paren. Pompen. Pezen. Palen. Pijpen. Poepen. Een pietgoal scoren. Pruimen op sap zetten. Aan de riek rijgen. Van jetje geven. De koffer induiken. De gang kuisen. De poes melk geven. Doktertje spelen. Flikflooien. Figuurvingeren. Ketsen. Kezen. De Vismarkt bezoeken. Een natte neus halen. Aan de postzegel likken. Een zoute snor halen. Het leeggoed binnendoen. In ‘t zakske blazen. Neuken. Naaien. Nummertjes maken. De kleppen van den auto smeren. Den tractor in de schuur zetten. De cylinder roderen met de piston. Rampetampen. Rollebollen. Rotzooien.
Pookstoten. Wippen. De kelder witten. De grotten verkennen. Vogelen. Vossen. Vrijen. Vlees in de frigo steken. Wildwatervaren. Vozen. Van grond gaan. De stekker in de prise duwen. ‘m In de garage parkeren. De boontjes doppen. Van bil gaan. Van toebak geven. Soppen. Sjappen. Humpen. Aanduwen. Boenken. Boren. Batsen. Ballen. Bezemen. De Continue reading “NYMPHOMANIAC, DEEL 1 + DEEL 2 (Lars Von Trier)” »
Wij ook niet, maar het blijken koeriers te zijn die de warme maaltijden die de Indiase moeder de vrouw klaarmaakt via trein, fiets en stootkar naar manlief op kantoor brengen, elke dag van het jaar.
En voor de mannen die niet (meer) getrouwd zijn, gaan de dabbawallas het diner evengoed ophalen in het restaurant.
Weduwnaar Saaja behoort tot de laatste groep: de wat vereenzaamde en knorrige ambtenaar ambtenaar ziet zijn pensioen stilaan naderen.
Op een dag krijgt hij per abuis de foute maaltijd geleverd door zijn dabbawalla. De kokkin
van het uitstekende maal blijkt Ila te zijn, een huisvrouw die aan een hopeloos huwelijk vastgeketend zit.
Waarna de twee via de lunchbox met briefjes met elkaar beginnen te communiceren…
Wall Street is – het is u sinds de bankencrisis vast ook niet ontgaan – geen plaats voor koorknapen die het erg nauw nemen met de moraliteit.
Wanneer iemand zelfs in dié hebberige, gewetenloze en decadente omgeving de bijnaam ‘de Wolf’ krijgt, weten we dan ook dat we te maken hebben met tuig van de allerergste soort – en bijgevolg meteen ook met prima materiaal voor een verbluffende, fascinerende film.
Toch zeker als die man you love to hate (Jordan Belfort, dé financiële oplichter van de nineties) vertolkt wordt door Leonardo DiCaprio in zéér grote doen, en als het geheel dan ook nog eens geregisseerd wordt door de absolute grootmeester van de Amerikaanse cinema, Martin Scorsese.
Scorsese schildert Belfort als een onverbeterlijke, op geld, orgieën en excessen geilende aandachtszoeker: wanneer hij ontdekt hoe makkelijk hij als effectenmakelaar spaarders van hun zuurverdiende centen kan beroven, is hij meteen verslaafd. Met malafide Continue reading “THE WOLF OF WALL STREET (Martin Scorsese)” »
Imkers en wetenschappers wereldwijd staan voor een enorm raadsel: overal sterven in snel tempo bijenkolonies uit, en alhoewel er verschillende theorieën over deze uitermate alarmerende bijensterfte bestaan, heeft voorlopig nog niemand met honderd procent zekerheid de oorzaak kunnen blootleggen.
Een vaststelling die de Zwitserse regisseur Markus Imhoof (zelf afkomstig uit een imkersfamilie) nieuwsgierig maakte: Imhoof ging op verschillende continenten op zoek naar de oorzaken van de massale bijensterfte, en kwam terug met ‘More Than Honey’, een uitermate boeiende én adembenemend mooi gefilmde documentaire.
De feiten die Imhoof in zijn documentaire bovenspit zijn vaak nogal onthutsend: in China blijken er bijvoorbeeld gigantische gebieden te zijn waar door het kwistig rondstrooien van pesticiden geen énkele bij meer rondvliegt, waardoor de mens er uit pure armoede dan maar zélf elk bloemetje apart moet gaan bestuiven – totale waanzin, uiteraard, maar Continue reading “MORE THAN HONEY (Markus Imhoof)” »
Na een aantal documentair en sociaal-realistisch ogende films (‘Still Life’, ‘Platform’…) besloot de Chinese undergroundregisseur Jia Zhang-Ke het voor ‘A Touch Of Sin’ over een compléét andere boeg te gooien: hij maakte zijn eigen hommage aan de martial arts-film.
Een rare carrièrewending, misschien, maar als u het ons vraagt een zeer geslaagde: tussen zijn filmische knipogen naar regisseurs als Sergio Leone, King Hu en Quentin Tarantino door, blijft hij even scherp in zijn analyses van de hedendaagse Chinese maatschappij.
Ja, er is een grote economische groei in China, maar tegelijk met de economie zag Jia Zhang-Ke ook de hebzucht, het geweld, de corruptie, het cynisme en de kloof tussen arm en rijk gigantisch boomen, en die lelijke kant toont hij ons dan ook in ‘A Touch Of Sin’, totaal onverbloemd.
De film is opgebouwd uit vier naadloos in elkaar overvloeiende hoofdstukken, die allemaal rond een wraakengel draaien: mensen die door de omstandigheden in wraak en geweld worden meegezogen, zoals Dahai, een ex-mijnwerker, die de strijd aangaat met de compleet corrupte bestuurders van zijn streek.
Of Xiao Ju, een saunareceptioniste, die door male chauvinist pigs vernederd wordt, en Continue reading “A TOUCH OF SIN (Jia Zhang-Ke)” »
Lang, héél lang geleden, vertoonde het Filmhuis het debuut van twee compleet onbekende Amerikaanse broers: ‘Blood Simple’ van Joel en Ethan Coen, een ronduit briljante film noir.
Nu, bijna dertig jaar later, tonen we nog altijd trouw alle films van de Coen Bros., om de goede reden dat ze al die tijd zeer consequent volstrekt briljante en unieke films zijn blijven maken.
Neem nu hun onwaarschijnlijk sterke nieuwste, ‘Inside Llewyn Davis’: een melancholisch muzikaal drama dat zich afspeelt in Greenwich Village, begin jaren ’60 dé bohémienbuurt van New York, en bij uitbreiding van Amerika en de wereld.
Llewyn Davis probeert er rond te komen als folkzanger, maar veel succes is hem niet gegund, en ook naast het podium zit zo ongeveer alles tegen wat maar enigszins tegen
kan zitten: een irritante ex, irritante collega’s, irritante managers, een huisdier dat voor
problemen zorgt en dan nog slecht weer ook, u kent ongetwijfeld het gevoel.
Bob Muldoon (Casey Affleck) en Ruth Guthrie (Rooney Mara) zijn smoorverliefd en verwachten een baby, maar het koppel neemt helaas de onzalige beslissing voor hun inkomsten te willen zorgen door een overval te plegen.
Als Ruth daarbij een sherrif (Ben Foster) in de schouder schiet, neemt Bob de schuld op zich: een daad waarvoor hij minstens 25 jaar de gevangenis ingaat.
Beiden zijn rostvast overtuigd van hun liefde, en denken dat ze elkaar ooit terug in de armen zullen houden…
Regisseur David Lowery steekt in zijn magistrale ‘Ain’t Them Bodies Saints’ zijn invloeden niet onder stoelen of banken: ‘Bonnie & Clyde’ (Arthur Penn), ‘Gun Crazy’ (Joseph H. Lewis), ‘McCabe & Mrs. Miller’ (Robert Altman) en ‘Badlands’ (Terrence Malick) schieten bij het bekijken van zijn Texaanse outlawdrama meteen door de geest, en het Continue reading “AIN’T THEM BODIES SAINTS (David Lowery)” »
Sophie is eenentwintig, de leeftijd waarop een mens zich eindelijk volop in het Ware Leven kan storten: feestjes, jongens, het zoeken van een eigen plek …
Maar als ze thuis in Hamburg een irritante hoest laat onderzoeken, klapt haar hele bestaan in één keer compleet in elkaar: ze blijkt een zeldzame vorm van kanker te hebben.
Een lijdensweg van chemo en eindeloze doktersbezoeken is onvermijdelijk, maar Sophie vindt een uitlaatklep voor haar frustraties in het schrijven van een blog – dat al snel populair wordt.
‘Heute Bin Ich Blond’ is gebaseerd op ‘Meisje met negen pruiken’, de autobiografische bestseller van de Nederlandse Sophie van der Stap, die als studente zelf kanker kreeg, en in die periode een blog en dagboek bijhield.
Regisseur Marc Rothemund (‘Sophie Scholl’) pakt het loodzware onderwerp aan zoals
het moet: dit is géén kleffe tearjerker, en evenmin een klinisch verslag, wel een met de Continue reading “HEUTE BIN ICH BLOND (Marc Rothemund)” »