CINEMA CORONA #143: THE HITCH-HIKER (Ida Lupino)

The_Hitch-Hiker
Hollywood is zéér lange tijd een plaats geweest waar zo goed als exclusief mannelijke regisseurs aan de bak kwamen.

Daarom dat we u vandaag in onze CINEMA CORONA zeer graag het uitmuntende misdaaddrama ‘THE HITCH-HIKER’ presenteren, in 1953 gemaakt door Ida Lupino.

De in Engeland geboren Lupino groeide op in een theaterfamilie, en startte zelf ook al op zeer jonge leeftijd met acteren.
In de jaren ’30 maakte ze de oversteek naar Hollywood, waar ze – zoals ze zichzelf graag lachend omschreef – tot ‘the poor man’s Bette Davis uitgroeide: Lupino moest zich vaak tevreden stellen met de rollen die door superster Bette Davis geweigerd werden.

Tot een echte Hollywoodster groeide ze – ondanks haar prima acteerprestaties – echter niet uit, en bovendien deinsde ze er niet voor terug geregeld in de clinch te gaan met de uiterst machtige studiobaas Jack Warner.
Dat leidde er uiteindelijk toe dat ze samen met haar man een eigen productiefirma oprichtte om zelf (prima) low budgetfilms te gaan maken, waarvan deze ‘THE HITCH-HIKER’ één van de allerbeste is.

Het verhaal draait rond twee vrienden die een tripje naar Mexico maken om daar te gaan vissen. Onderweg pikken ze een lifter met autopech op, maar dat blijkt een slecht idee: de lifter blijkt een psychopaat te zijn die voordien al enkele andere chauffeurs vermoord heeft, en die nu via Mexico aan de Amerikaanse politie wil ontkomen…

De film is losjes gebaseerd op het waargebeurde verhaal van ene Billy Cook: die vermoordde in het begin van de fifties eerst een familie van vijf en een verkoper, en hield daarna een sheriff en twee anderen gegijzeld.
Cook werd uiteindelijk gearresteerd en zou voor zijn moorddadige trip uiteindelijk de doodstraf krijgen: hij stierf in de gaskamer van de beruchte San Quentin-gevangenis.

Ida Lupino toont zich in ‘THE HITCH-HIKER’ een ronduit excellente en uiterst trefzekere regisseuse, die met een minimum aan middelen een maximum aan sfeer, stijl en rendement weet te creëren: de film grijpt de kijker vanaf het eerste beeld (een briljant geregisseerde offscreen-moordscène) meteen stevig bij de keel, en laat die vervolgens geen seconde meer los.

William Talman is uitmuntend als de paranoïde psychopaat, Edmond O’Brien en Frank Lovejoy als de twee vrienden die van hem af moeten zien te komen.
Het fraaie zwart-wit camerawerk is van Nicholas Musuraca, die mee de stijl van de film noir hielp uitvinden.

‘The Hitch-Hiker’ is ondertussen mee opgenomen in de prestigieuze National Film Registry, de lijst met de allerbeste Amerikaanse films die voor het nageslacht bewaard worden in de Library of Congress.

Enjoy!

Een inleiding door Mark Cousins (BBC):

CINEMA CORONA #126: STALAG 17 (Billy Wilder)

Stalag_17


Hallo Filmhuizers,

ook in 2021 – beste wensen, overigens! – voorlopig geen versoepeling van de maatregelen in zicht, dus vullen wij onze nu al meer dan 100 titels tellende CINEMA CORONA-filmotheek verder aan met de beste gratis online beschikbare speelfilms, kortfilms en documentaires.

Vandaag op het programma: ‘STALAG 17′ van de grote Billy Wilder (‘Sunset Boulevard’, ‘Some Like It Hot’, ‘The Seven Year Itch’, ‘The Apartment’ en tal van andere prachtfilms).

‘Stalag 17′ speelt zich af in een krijgsgevangenkamp tijdens WOII, waaruit twee Amerikaanse gevangen uit de klauwen van de Duitsers proberen te ontsnappen.
Hun – nochtans goed voorbereide poging – eindigt echter nog voor ze aan de omheining van het kamp zijn, want ze worden opgewacht door een stel Duitse bewakers die hen zonder genade neerkogelen.
Het feit dat de twee zo verbazend snel gepakt zijn wekt in de Amerikaanse gevangenbarak grote achterdocht, want het kan bijna niet anders dat één van hen de Duitsers getipt heeft.
Maar wie is de verrader?

Ondanks de dramatische achtergrond van het verhaal is ‘Stalag 17′ een typische Wilder-film, vol zwarte – of zeg maar gerust: cynische – humor, heerlijke dialogen en gespeel met clichés.
Bovendien haalt Wilder – zoals in bijna al zijn films – alweer het beste uit zijn acteurs: William Holden is excellent als sgt. Sefton, een cynisch mannetje dat het op allerlei onderhandse akkoordjes gooit met de Duitse bewakers, en die daardoor meteen verdacht is bij zijn medegevangenen, o.a. vertolkt door Don Taylor, Peter Graves en Neville Brand.
Otto Preminger (zelf een uitmuntend regisseur) en Sig Ruman zijn dan weer geweldig als de cliché-moffen Oberst von Scherbach en Johann Sebastian ‘Schweinehund’ Schulz.

Het scenario is overigens gebaseerd op een gelijknamige toneelstuk dat geschreven werd door twee ex-krijgsgevangenen, Donald Bevan en Edmund Trzcinski.

Destijds bekroond met drie Oscarnominaties, Holden won uiteindelijk de Oscar voor Beste Acteur.

CINEMA CORONA #119: THE WILD ONE (Laslo Benedek)

The_Wild_OneZin in een zéér lekker weghappende zaterdagavondfilm?

Hierzie: ‘THE WILD ONE’, van Laslo Benedek, maar vooral mét Marlon Brando.

Nope, geen doorwrocht meesterwerk met een fantastische plotline, psychologisch uitgediepte personages of zelfs maar een mooi afgerond scenario, maar hey: who cares?
Niks van dat alles is namelijk van belang in deze film, en wel hierom:

1) Dit is een film met de jonge Marlon Brando, die hier de begrippen ‘charisma’ en ‘cool’ een compleet nieuwe dimensie geeft. Brando hoeft gewoon maar door beeld te lopen om àlle aandacht naar zich toe te zuigen, en die probleemloos vast te houden tot hij weer uit beeld loopt.

2) Dit is een film die al 100% rock-‘n-roll was voor de rock’-n’-roll goed en wel was uitgevonden – ‘The Wild One’ is gemaakt in 1953! Tussen haakjes: The Black Rebel Motorcycle Club haalde zijn naam bij de gang van Marlon Brando, en The Beatles kwamen naar verluidt op het idee voor hun bandnaam dankzij de naam van de rivaliserende gang uit de film, The Beetles.

3) Behalve op de toekomstige rockers oefende de film ook een tot op vandaag doorwerkende invloed en aantrekkingskracht uit op de bikers, de beatniks, de hipsters (in de jaren ’50-betekenis van dat woord) en een deel van de homogemeenschap (zoekt u het werk van Tom of Finland maar eens op). Rebellen en outsiders allerhande dus. Perfect samengevat in de klassieke dialoog uit de film: ‘Hey, Johnny, what are you rebelling against?’ Waarop Brando: ‘Whaddaya got?’

4) Als u ons laat kiezen tussen ‘The Wild One’ en ‘Easy Rider': geen discussie mogelijk, dít is de ultieme bikerfilm.

5) Neen, regisseur Laslo Benedek was geen Tarkovski of Bresson, maar wél een vakman die verdomd goed wist hoe hij een sappige en opwindende scène in beeld moest zetten, én hoe hij de vaart erin moest houden. Dat is al duidelijk van bij de openingsbeelden, waarin hij één van de motoren zowat door de camera laat rijden.

6) De zwart-witfotografie van Hal Mohr is verbluffend.

7) Geen idee wie de stylist(e) van de film was, maar als er een Oscar voor Stijl bestond, had die zeker gewonnen. ‘The Wild One’ zorgt tot vandaag voor de verkoop van leren vesten, boots, jeans, zonnebrillen en bromfietsen. En zowel Elvis als James Dean modelleerden hun stijl op die van Brando.

8) Je zou het door Brando bijna vergeten, maar de belangrijkste bijrol werd gespeeld door een ander toen opkomend jong talent: Lee Marvin. Marvin vertolkt op bijzonder amusante wijze de loudmouth die de concurrerende bikerbende aanvoert.

Eén advies dus: kijken!

Een lekker oneerbiedige maar zeer amusante recensie van de jongens van ‘From The Basement’ (OPGELET: niet bekijken vóór de film, want hun recensie is eigenlijk één lange spoiler):

 

CINEMA CORONA #106: PICKUP ON SOUTH STREET (Sam Fuller)

Pickup_on_South_StreetVandaag in CINEMA CORONA: ‘PICKUP ON SOUTH STREET’, een excellente, duistere film noir van de grote Sam Fuller, filmheld van (o.a.) Quentin Tarantino, Jim Jarmusch en Martin Scorsese.

Het verhaal draait rond ene Skip McCoy, een al meermaals opgepakte kruimeldief die op een dag in de New Yorkse metro de portefeuille uit de handtas van een knappe jonge vrouw weet te stelen stelen.

Wat hij niet weet is dat die vrouw –  Candy – toevallig de vriendin is van een communistische spion, en dat ze in de handtas een microfilm vol geheime info voor de communisten transporteerde.
Waardoor McCoy nu zonder dat hij het beseft eigenaar is van iets dat voor vele partijen uiterst belangrijk kan zijn.

Candy van haar kant zet alles op alles om de microfilm terug in haar bezit te krijgen…

‘Pickup on South Street’ werd gemaakt in volle Koude Oorlog (de film dateert uit 1953), en is dan ook anticommunistisch, maar Fuller zou Fuller niet zijn als hij aan zijn personages geen ambigue gelaagdheid zou hebben meegegeven.
Zo is de ‘held’ allesbehalve een heldhaftige patriot, maar wel een kille, koppige misdadiger en platte opportunist. De gevreesde FBI-baas J. Edgar Hoover liet Fuller en zijn machtige producent Daryl Zanuck tijdens een lunch nog voor de release dan ook weten dat hij Fuller en zijn film verafschuwde.

Gelukkig voor ons bleef Zanuck achter zijn regisseur staan, door Hoover te antwoorden ‘dat hij niks van film kende’ – al liet Zanuck wijselijk wel alle verwijzingen naar de FBI uit de promocampagne halen.

De film zelf is briljant en met veel vaart geregisseerd: de woordenloze openingsscène in de New Yorkse metro is op zich al een staaltje van meesterlijke regie, en vormde de inspiratie voor weer een ànder meesterwerk van enkele jaren later, ‘Pickpocket’ van Robert Bresson (1959).

Let ook op de de excellente acteerprestaties van Richard Widmark als de zakkenroller, van Jean Peters als de uitermate sensuele, sassy en streetwise Candy en van Thelma Ritter, die voor haar rol van politie-informante een terechte Oscarnominatie kreeg

Enjoy!

Van Sam Fuller is in onze Cinema Corona ook nog altijd ‘THE STEEL HELMET’ beschikbaar.

27/5/2014: ZOOL.: BALLROOM BLITZ + THE BAND WAGON

Vaste Filmhuisgangers zullen het zich vast nog herinneren: een paar jaar geleden kwam ZOOL. (naast Aroma di Amore het tweede muzikale project van Gerry Vergult) bij ons langs om een live-soundtrack verzorgen bij ‘The General’, het komische meesterwerk van Buster Keaton.

Voor zijn gloednieuwe, derde album ‘Ballroom Blitz’ (Vynilla Records/Kinky Star) haalde ZOOL. de inspiratie uit dansfilms: de muziek wordt dan ook gebracht tegen de achtergrond van een compilatie van allerlei wonderlijke dansfragmenten uit de filmgeschiedenis, en de avond wordt vervolledigd door het werkelijk fan-tas-tische ‘The Band Wagon’: van meesterregisseur Vincente Minnelli, en met Fred Astaire en Cyd Charisse op hun swingende hoogtepunt.
Ten bewijze: de briljante ‘The Girl Hunt’-scene uit de film:

Meer nog dan ‘Singin’ In The Rain’ is ‘The Band Wagon’ waarschijnlijk hét hoogtepunt uit
de musicalgeschiedenis: één lange aaneenschakeling van de meest verbluffende dansscènes, gecombineerd met een korf vol prima gags en filmische hoogstandjes in Continue reading “27/5/2014: ZOOL.: BALLROOM BLITZ + THE BAND WAGON” »

16/1/2007: ANGEL FACE

Angel-Face-1952-6Met ‘Angel Face’ leverde de regisseur-acteur Otto Preminger in 1953 één van dé hoogtepunten uit zijn carrière af: een briljante film noir in de traditie van andere Preminger-meesterwerkjes als ‘Laura’ en ‘Fallen Angel’.

En aangezien het Brusselse Filmarchief onlangs besloot deze verbluffende filmklassieker terug in roulatie te brengen, kon het Filmhuis die kans natuurlijk niet laten liggen.

In ‘Angel Face’ speelt Jean Simmons de rol van Diana Treymane, de dochter van een miljonair die haar vader aanbidt en haar stiefmoeder vervloekt.

Het kindvrouwtje groeit uit tot een engelachtige femme fatale, die de chauffeur des huizes (een uitmuntende Robert Mitchum) in haar netten strikt: de man wéét dat ze gevaarlijk is, maar weigert te geloven dat ze haar stiefmoeder wil vermoorden. Ten onrechte, zo blijkt al  Continue reading “16/1/2007: ANGEL FACE” »

21/2/2006: LES VACANCES DE MR. HULOT

on-a-sauve-les-vacances-de-m-hulot,M24151Chers amis, vindt u ook niet dat het alweer veel te lang geleden is dat votre Maison du Ciné nog eens één van die onnavolgbare komedies van Jacques Tati vertoond heeft?

Et voilà: wij hebben voor u ‘Les Vacances de Monsieur Hulot’ klaarstaan, de film waarin Tati’s alter ego Mr. Hulot het idee krijgt zijn vakantie aan zee door te brengen.

Uiteraard begint de brave man paniek te zaaien van zodra hij zijn deur verlaat, bijvoorbeeld door zijn uiterst eigenzinnige rijstijl. En eens op zijn vakantiebestemming aangekomen betert het er natuurlijk niet op, want Hulot slaagt erin het gezapige leventje van de hotelgasten brutaal te verstoren met zijn goedbedoelde maar steevast catastrofaal uitpakkende acties.

‘Les Vacances’ was destijds een wereldhit, en heeft ook ruim vijftig jaar na datum nog niks van zijn komische kracht verloren. Allemaal samen: hahahaha!

CINEMA CORONA #170: LE SALAIRE DE LA PEUR (Henri-Georges Clouzot)

Le_Salaire_De_La_Peur

Deze film was maar tijdelijk beschikbaar en is niet meer te bekijken.
Maar tussen het ondertussen al meer dan 150 titels tellende aanbod in onze CINEMA CORONA vindt u nog tal van andere klassiekers, kortfilms en topdocu’s.
—–

 

BOÉM!

Yep, ‘LE SALAIRE DE LA PEUR’ van de zeer grote Henri-Georges Clouzot is in alle opzichten een ware bom van een film: ongemeen spannend, niets of niemand ontziend en bijzonder explosief.

Het verhaal speelt zich af in een onbestemd land in Zuid-Amerika, waar een oliebron in brand staat.

Om de brand te blussen is een lading nitroglycerine nodig – zelf een hoogst explosief goedje – die via gevaarlijke en vaak erbarmelijke wegen zo snel mogelijk ter plaatse gebracht moet worden.

Voor die opdracht heeft de oliemaatschappij vier man en twee verschillende trucks ingehuurd: geen van beide teams (die allebei bestaan uit Europese avonturiers die door hun geld heen zitten) heeft het nodige materiaal om de veiligheid van het transport te verzekeren, wat van hun taak eigenlijk een halve zelfmoordmissie maakt…

Bovendien heerst er tussen de twee crews een beenharde rivaliteit: dit zijn geen mannen die het uit heroïsche (laat staan uit hulpvaardige) overwegingen doen, ze doen het – net zoals de cynische oliefirma – gewoon voor het geld.

Clouzot schetst – zoals wel vaker in zijn films – geen prettig beeld van de mensheid, maar hij zorgt er wel voor dat de kijker om deze vaak onprettige, brute en ronduit onaangename personages geeft, én verpakt alles in één van de meest adembenemende en zenuwslopende suspense-thrillers uit de filmgeschiedenis: dit is een in alle opzichten uiterst explosieve filmische rit die gegarandeerd voor klamme handjes en nagelbijten zorgt.

In de hoofdrollen ziet u o.a. Yves Montand, Charles Vanel en Clouzots echtgenote Véra.

Door de manier waarop de Amerikaanse oliemaatschappij in de film voorgesteld werd, kreeg de film in de USA het label ‘anti-Amerikaans’ opgekleefd, en moest er voor de release daar meer dan een half uur uit de film geknipt worden.

Dat kon niet verhinderen dat ‘LE SALAIRE DE LA PEUR’ een gigantische hit werd die wereldwijd vele miljoenen toeschouwers trok, én dat de film zowel met de Gouden Beer op het Festival van Berlijn als met de Gouden Palm in Cannes bekroond werd.

Bovendien zou de film vele latere Amerikaanse topregisseurs zwaar beïnvloeden: William Friedkin zorgde met ‘Sorcerer’ zelfs voor een remake, en ook ‘Duel’ – de uitmuntende debuutfilm van superfan Steven Spielberg - had er zonder ‘Le Salaire de la Peur’ ongetwijfeld helemaal anders uitgezien.

Jonathan Ross voorziet de film van een inleiding:

CINEMA CORONA #149: EL (Luis Bunuel)

ELUPDATE: deze film was maar tijdelijk beschikbaar en is niet langer online te bekijken.
Maar u kan nog tal van andere films gratis ontdekken in onze uitgebreide CINEMA CORONA-filmotheek!

—-

Omdat de films van Luis Bunuel nooit genoeg kunnen bekeken worden, hebben we van De Meester vandaag ‘EL’ in de aanbieding, misschien wel de meest onderschatte en beste film uit zijn periode in Mexico.

Het verhaal draait om ene Francisco Galvan de Montemayor (geweldig vertolkt door Arturo de Cordova): zéér rijk, zéér aristocratisch, zéér vroom en nog alleenstaand.

Wanneer tijdens de mis zijn oog op de mooie, jonge Gloria valt, raakt hij helemaal geobsedeerd door de vrouw.
Gloria heeft al een verloofde, die bovendien een goede vriend van hem is, maar door dat soort details laat Don Francisco zich niet afstoppen: hij onderneemt poging na poging om haar voor hem te winnen, en wanneer die pogingen niet lukken, schakelt hij over op stalking-avant-la-lettre, tot Gloria uiteindelijk toegeeft.

Arturo toont zich aanvankelijk een uiterst toegewijde echtgenoot, maar langzaamaan slaat dat toegewijde om in jaloezie en paranoia…

‘EL’ is – zoals wel vaker bij Bunuel – een film waarin aan waanzin grenzende obsessies centraal staan: Arturo is niet alleen jaloers en ziekelijk paranoïde, hij is ook egocentrisch, macho, megalomaan, ja zelfs wreed en sadistisch – typisch iemand die het ver brengt in onze maatschappij, dus.

Zoals altijd laat Bunuel ook in ‘EL’ (melo)drama en surrealistische humor naadloos in elkaar overlopen, en worden ook hier weer de kerk en de nette burgermoraal te kakken gezet.

De film kreeg bij de release in 1953 een matige ontvangst, maar ondertussen is zowat iedereen het erover eens dat ‘EL’ één van Bunuels meesterwerken is.