CINEMA CORONA #91: THE STRANGER (Orson Welles)

The_StrangerQuarantainedag 91!

Vandaag in CINEMA CORONA: ‘THE STRANGER’, misschien wel de meest ondergewaardeerde film van Orson Welles.

De film werd meteen na WOII gemaakt, en draait rond nazi-jager Wilson (gespeeld door Edward G. Robinson).
Die is op zoek naar de hooggeplaatste nazi Franz Kindler, die erin geslaagd is uit handen van de geallieerden te blijven.
Omdat er geen enkel spoor is naar de man, wordt besloten zijn vriend en collega-nazi Konrad Meinike te laten ontsnappen en die vervolgens te laten schaduwen, in de hoop dat hij hen naar de spoorloze Kindler zal brengen.

De “ontsnapte” Meinike vlucht naar Harper, een klein stadje in Connecticut. Een plaats waar zich op het eerste gezicht geen ex-nazi’s schuilhouden, maar een doodgewoon plaatsje met een school, een kerk en een dorpswinkel annex café…

Wat volgt is een kat-en-muis-spel tussen de nazi-jager en zijn prooi.

Orson Welles zelf was totaal niet tevreden over de film, omdat monteur Ernest Nims van de studio de opdracht had gekregen alles wat maar enigszins overbodig leek weg te knippen.
Nims – door Welles denigrerend ‘the Great Supercutter’ genoemd – kweet zich nogal enthousiast van die taak, en sneed ruim een half uur weg van de versie die Welles in zijn hoofd. Onder andere een openingsscène van negentien minuten is zo (waarschijnlijk definitief) verloren gegaan…

Desalniettemin is ‘The Stranger’ nog altijd een lekker ouderwets spannende thriller, met prima vertolkingen van Robinson, Loretta Young en uiteraard Welles zelf, in prachtige zwart-witbeelden gegoten door meester-cameraman Russell Metty.

‘The Stranger’ is overigens ook de eerste fictiefilm waarin beelden van de holocaust gebruikt zijn (toen Welles de eerste newsreels van de concentratiekampen zag, vond hij het essentieel dat iederéén die beelden te zien zou krijgen)

Regisseur Joe Dante vertelt over de achtergrond van de productie ‘The Stranger':

7/1/2003: THE MISFITS

misfits1

Kijk, dit noemen wij nou nog ’s een film om ons 25ste Filmhuisjaar mee in te gaan: ‘The Misfits’, wat ons betreft hét meesterwerk van de grote John Huston (‘The Asphalt Jungle’, ‘Beat The Devil’), met Marilyn Monroe en Clark Gable.

Het scenario draait ogenschijnlijk rond een stel cowboys die een pas gescheiden vrouw meetronen op een paardenjacht in de woestijn van Nevada, maar is in wezen een parabel over de leegte van het bestaan en

over het falen van de Amerikaanse Droom: ‘They’ve changed it all,’ merkt Clark Gable ergens op.

Monroe (‘She’s hot! She’s sexy! She’s dead!’) acteerde zichzelf met ‘The Misfits’ definitief Continue reading “7/1/2003: THE MISFITS” »

CINEMA CORONA #118: ALL THAT HEAVEN ALLOWS (Douglas Sirk)

All_That_Heaven_Allows

Deze film was maar tijdelijk beschikbaar, en is niet meer te bekijken.
Maar er zijn nog tal van andere films te zien in onze CINEMA CORONA.

—-
Leg uw zakdoek alvast klaar, want vandaag hebben we misschien wel de beste film van de Meester van het Melodrama voor u klaarstaan: ‘ALL THAT HEAVEN ALLOWS’ van Douglas Sirk.

Alles draait rond Cary Scott, een weduwe van bijna-middelbare leeftijd met twee bijna-volwassen kinderen: haar hele sociale leven speelt zich af in een klein stadje in New England, in een kleine groep van vrienden van de country club. Financieel komt Cary niks tekort, maar echt gelukkig maakt het verveelde, vastgeroeste weduwenleventje haar niet.

De enige met wie ze echt kan praten is tuinman Ron Kirby, die enkele keren per jaar de bomen rond haar huis komt snoeien. Al snel ontstaat een hechte vriendschap tussen Cary en de galante, intelligente en vrijdenkende Ron, een vriendschap die al even snel omslaat in liefde.

Maar aangezien Ron een heel stuk jonger is dan Cary en niet bepaald tot de elitaire, conservatieve country club-incrowd behoort, is hun relatie al snel een mikpunt voor opmerkingen en geroddel.
En ook de kinderen zijn niet opgezet dat hun moeder een relatie aangaat met een veel jongere man…

‘ALL THAT HEAVEN ALLOWS’ werd in de fifties (zoals alle Sirk-films) gepromoot als een ‘vrouwenfilm': een tranentrekker waar de iets oudere dames op zondagmiddag konden naar gaan kijken, om daarna in de plaatselijke patisserie een pateeke te gaan eten.

Sirk-films werden in de pers dan ook steevast neergesabeld als sentimentele brol, daarbij vlotjes voorbijgaand aan de unieke filmische kwaliteiten van de man, én aan de kritiek op de heersende burgermoraal die Sirk onder het melodrama-laagje verstopte.

Ondertussen hebben zowel deze film als Sirk zelf gelukkig wél hun welverdiende plaats in het filmpantheon gekregen: de regie is uitmuntend, de fotografie (van grootmeester Russel Metty) fenomenaal, het Technicolor-kleurenspel onovertroffen en de casting van het duo Jane Wyman-Rock Hudson als het oudere vrouw/jongere man-koppel perfect.

Zowel Todd Haynes (in zijn ‘Far From Heaven’), Fassbinder (‘Angst Essen Seele Auf’) als François Ozon (‘8 Femmes’) maakten er geen geheim dat ze leentjebuur speelden bij Sirk, terwijl ook John Waters op zijn volstrekt unieke manier een -nouja- hommage aan de meester bracht in zijn ‘Polyester’.

 
Bekijk hier wat regisseurs Allison Anders over de film (en de trailer) te vertellen heeft: