CINEMA CORONA #59: LE FEU FOLLET (Louis Malle)

le_feu_folletQuarantainedag 59!

Vandaag in CINEMA CORONA een absoluut meesterwerk van misschien wel de grootste Franse cineast van na WO2:  ‘LE FEU FOLLET’ van  Louis Malle.

In die film speelt Maurice Ronet op indrukwekkende wijze de rol van Alain, een knappe en intelligente maar in een diepe depressie verzeilde man.

Zijn huwelijk met Dorothy bestaat alleen nog op papier: zij zit in New York, hij in een inrichting in Parijs, waar hij van zijn alcoholverslaving probeert af te raken.

Een buitenechtelijk relatie met Lydia – een vriendin van Dorothy – zorgt niet voor een nieuwe vonk in zijn leven. Sterker nog: niks zorgt nog voor een vonk in zijn leven, ook al verklaart zijn behandelende arts hem ‘genezen’.
Het plan om er een eind aan te maken rijpt in zijn hoofd, maar eerst zoekt hij in de stad nog al zijn oude vrienden op…

‘Le Feu Follet’ is een zware maar ijzersterke prent over de ultieme existentiële vragen, het soort vragen waar in de meeste films met een zeer grote boog omheen gefietst wordt: de stiltes zeggen hier vaak meer dan de dialogen, de blikken meer dan de woorden.

Kortom: als u gewoon op zoek bent naar het betere entertainment, dan is dit niks voor u, en verwijzen we u graag door naar filmisch lekkers als ‘THE SCARECROW’ van Buster Keaton, ‘HEAVEN CAN WAIT’ van Lubitsch of ‘CONSENT’ van Jason Reitman

Maar als u een film wil zien die u bij uw nekvel grijpt en die u nooit meer vergeet: dan deze.

Jeanne Moreau speelt een kleine maar belangrijke bijrol, en de muziek van Erik Satie is perfect gekozen.

CINEMA CORONA #55: THE STEEL HELMET (Sam Fuller)

Quarantainedag 55!Steel_Helmet

Reporter Arnout Hauben vroeg een kaarsje te branden om de soldaten van WOII te herdenken, maar met permissie: in plaats van een kaars te branden voor Sam Fuller, gaan wij één van zijn vele uitmuntende films spelen in onze CINEMA CORONA.

Fuller – de zoon van Joods-Russische emigranten – maakte als soldaat van de Eerste Infanteriedivisie de horror van de Tweede Wereldoorlog in de frontlinie mee: hij vocht zowel bij de landingen in Normandië als die in Sicilië en Afrika, trok met de troepen door België en filmde (met een camera die zijn moeder opgestuurd had) de bevrijding van het uitroeiingskamp Falkenau.

Het zou hem een hele rist militaire onderscheidingen opleveren, maar nog veel meer een totale en ongepolijste no bullshit-aanpak in zijn filmcarrière achteraf: bij Fuller geen gladde Hollywoodhelden met een brede tandpastasmile, zijn hoofdpersonages zijn integendeel zakkenrollers, hoertjes, psychiatrische patiënten, hondentrainers en ander weinig glamoureus volk, en zijn filmstijl is direct en – zeker voor die tijd – behoorlijk in your face.
Die unieke stijl zorgde ervoor dat Fuller door een lange rij latere regisseurs als een belangrijke invloed wordt aangeduid: van Godard tot Jim Jarmusch, en van Wim Wenders tot Tarantino, allemaal verklaarden ze zich onvoorwaardelijk fan van de films van Sam Fuller.

In Fullers ‘THE STEEL HELMET’ volgen we een stel Amerikaanse soldaten tijdens de Koreaanse oorlog: sergeant Zack is de enige overlevende van een slachtpartij en wordt gered door een Koreaanse weesjongen. Nadat ze zich aansluiten bij een aantal andere in kleine groepjes rondzwervende Amerikanen zetten ze een post op in een verlaten Boeddhistische tempel. Van daaruit moeten ze de strijd aangaan tegen een overmacht aan communistische troepen….

‘The Steel Helmet’ werd destijds langs twee kanten bekritiseerd (rechtse kranten waren ervan overtuigd dat de film stiekem gefinancierd was door ‘de Roden’, de communistische Daily Worker omschreef hem als ‘een rechtse fantasie’), maar ondertussen wordt hij gezien als één van de sterkste oorlogsfilms uit die periode.
Des te straffer aangezien de film op amper tien dagen tijd (!) en met een minimumbudget werd gedraaid.

CINEMA CORONA #53: DETOUR (Edgar G. Ulmer)

Quarantainedag 53!detour

Zin in een lekkere film noir?

Dan hebt u geluk, want wij hebben vanavond ‘DETOUR’ van Edgar G. Ulmer voor u klaarstaan, één van de absolute klassiekers in het genre.

Antiheld van de film is Al Roberts, een pianist in een kleine nachtclub in New York: niet bepaald de job van zijn leven, maar zijn geestelijke toestand krijgt pas een échte knik wanneer zijn vriendin Sue naar Hollywood vertrekt om daar haar geluk te gaan beproeven.

Na een tijdje kan Roberts het niet meer aan, en besluit hij Sue achterna te reizen naar L.A.
Een reis die hij – vanwege zijn financiële situatie – al liftend moet doen.
Maar onderweg ben je dan aangewezen op Het Lot – en dat Lot is Roberts duidelijk niet gunstig gezind, het is er integendeel alleen maar op uit hem helemaal onderuit te halen.

Regisseur Edgar G. Ulmer leerde het vak in Duitsland bij de toenmalige topregisseur F.W. Murnau, en kwam ook in diens zog mee naar Hollywood.
Daar specialiseerde hij zich in B-films: meestal genrefilms die met een minimaal budget en op een minimum aantal draaidagen met onbekende acteurs in elkaar geflanst werden.
Door zijn talent slaagde Ulmer er echter vaak in die beperkingen te overstijgen, en er soms zelfs een troef van te maken.
‘Detour’ is hiervan het beste voorbeeld: dit is geen gladde, glamoureuze Hollywoodproductie waarin elk detail klopt, en waarin de held op het einde breed lachend de horizon tegemoet rijdt, maar wel een duistere, morsige en cynische prent met veel losse eindjes en vol gekwelde, ja zelfs ronduit onsympathieke hoofdpersonages.

Precies die donkere, zweterige en cheapo atmosfeer heeft er in combinatie met de uitstekende dialogen en quotes (‘I was tussling with the most dangerous animal in the world – a woman’) voor gezorgd dat ‘Detour’ nu zowat als de ultieme film noir bekeken wordt.
Kijken!

CINEMA CORONA #51: UNDERWORLD (Josef von Sternberg)

Quarantainedag 51!Underworld 9

Vandaag hebben we één van de vele meesterwerken van de uitvinder van de Amerikaanse gangsterfilm in petto: Josef Von Sternberg, de regisseur die niet zo lang nadien Marlene Dietrich tot een wereldster zou maken.

In ‘UNDERWORLD’ neemt Von Sternberg ons mee in het gangstermilieu van Chicago, waar de meedogenloze “Bull” Weed de plak zwaait.
“Bull” heeft zich verzekerd van de hulp van “Rolls Royce” Wensel, een advocaat die ten prooi was gevallen aan alcoholisme, maar er door Bull weer wat bovenop geholpen wordt.
“Rolls Royce” moet “Bull” bijstaan in zijn machtsstrijd tegen Buck Mulligan, die het territorium van “Bull” wil binnendringen.
Maar dat plan draait enigszins anders uit, zeker wanneer “Rolls Royce” een oogje laat vallen op het liefje van “Bull”…

De studio verwachtte niks van ‘Underworld”, maar dat was buiten von Sternberg gerekend, die niet alleen magistrale gansterfilm maar ook een gigantische hit afleverde.
De volkstoeloop in de cinema’s was zelfs zo groot dat Paramount besloot de film non-stop de klok rond te programmeren in New York.

En ook al zijn we nu bijna een eeuw later, de film staat nog altijd als een huis.
Ontdek hem hier:

UNDERWORLD
Regie: Josef von Sternberg
USA 1927, 81 min.

CINEMA CORONA #42: SUNRISE (F.W. Murnau)

l'auroreQuarantainedag 42!

Vanavond misschien wel één van de tien mooiste films uit de filmgeschiedenis, en een film die u in uw leven eigenlijk gezien moét hebben: het wonderlijke ‘SUNRISE: A SONG OF TWO HUMANS’ van de briljante, maar helaas jong gestorven F.W. Murnau.

Het verhaal draait rond een knappe boer die een buitenechtelijke relatie heeft met een chique dame uit de stad, en die door zijn maîtresse ertoe aangezet wordt om zijn vrouw te vermoorden.
Het moordplan bestaat erin een boottochtje te plannen, waarbij het roeibootje zogezegd kapseist en alleen de man zich ternauwernood kan redden.
Maar op de dag dat hij het plan ten uitvoer wil brengen, loopt niet alles als verwacht…

Sunrise_StillIn ‘Sunrise’ combineert Murnau op magistrale wijze een liefdesverhaal met een thriller en melodrama, en voegt er bovendien comedy en zelfs een actiefilm-sequentie aan toe, zonder dat al die elementen elkaar ook maar één seconde voor de voeten lopen.

De expressionistische beelden zijn ook 93 jaar na datum (de film dateert uit 1927) nog altijd adembenemend, en bevatten een flink aantal fantastische special effects.

Bovendien zijn ook alle acteurs hier top: Janet Gaynor als de echtgenote, Margaret Livingston als de stijlvolle femme fatale uit de grote stad en George O’Brien als de verscheurde echtgenoot.

‘Sunrise’ was Murnaus eerste film in Hollywood en betonneerde ook meteen in Amerika zijn reputatie, nadat hij als jonge regisseur in Duitsland al grote indruk gemaakt had met een aantal expressionistische films, onder andere het horror-meesterwerk ‘Nosferatu’.

Helaas zou hij enkele jaren later om het leven komen bij een auto-ongeval, en bovendien zijn er van zijn 21 films amper 12 pareltjes geheel bewaard gebleven, waarvan dit waarschijnlijk de allermooiste is:

CINEMA CORONA #40: AUCH ZWERGE HABEN KLEIN ANGEFANGEN (Werner Herzog)

Auch_Zwerge_Even_DwarfsQuarantainedag 40!

Vandaag in onze CINEMA CORONA: één van de meest ontregelende, surrealistische en subversieve films uit de filmgeschiedenis.
‘Un Chien Andalou’ van Bunuel en Dali?
Had gekund, maar neen.
‘Freaks’ van Tod Browning?
Ook niet
‘A Clockwork Orange’ van Kubrick?
Evenmin.
‘Eraserhead’ van David Lynch?
Nope.
Wél ‘AUCH ZWERGE HABEN KLEIN ANGEFANGEN’ (‘Ook Dwergen Zijn Klein Begonnen’) van Werner Herzog, 50 jaar na de release nog altijd controversieel voor iedereen die ‘m ziet, en volop gevuld met beelden en scènes die voor altijd op je netvlies gebrand zullen blijven.

Herzog zei dat het idee voor de film in een nachtmerrie tot hem was gekomen, en wie de film ziet zal daar niet verbaasd over zijn.

Het verhaal speelt zich af op een eiland waar in een instelling een groep dwergen in opstand komen tegen de manier waarop ze behandeld worden. De baas van de instelling (zelf ook een dwerg) heeft zich in zijn kantoor gebarricadeerd, omgeven door de opstandelingen.

Nu ze opeens over ongelimiteerde vrijheid beschikken, beginnen de opstandelingen die totale vrijheid ook te gebruiken: eerst door de telefoonlijn te saboteren, zodat er zeker geen politie kan gewaarschuwd worden. Vervolgens hakken ze de favoriete boom van de directeur om, of bladeren ze nieuwsgierig door een stapel porno. En daarna amuseren zich door te gaan joyriden met de bestelwagen van de instelling.

Maar beetje bij beetje tonen de kleine rebellen zich minstens even erg als het systeem waartegen ze rebelleren, en misschien nog wel erger: wat begint met het vernederen van de hulpeloze blinde dwergen in de instelling, is maar een voorproefje van het dreigend geweld en de totale destructie, die alleen begeleid worden door de nooit stoppende lach van de waanzinnige…

Toen de film uitkwam, kreeg Herzog letterlijk van alle kanten bakken kritiek over zich heen: rechts vond hem ronduit ondermijnend, links vond dat hij gerechtvaardigde opstandigheid tegen onrecht belachelijk maakte en de kerk was ook niet bepaald enthousiast (misschien dat de scène waarin een gekruisigde aap in processie werd rondgedragen daar iets mee te maken had).
Zelfs de distributeur deed geen moeite om de film in de zalen te krijgen, waarna Herzog zelf cinema’s afhuurde om de film toch maar aan het publiek te kunnen tonen.

Nu hebben we gelukkig internet, waardoor we kunnen zeggen: kijkt en oordeelt u vooral zelf:

En omdat het niet surrealistisch genoeg kan zijn, geven we ook dit nog graag mee: een clipje over Werner Herzog die ontdekt dat zijn vriend John Waters homo is.

CINEMA CORONA #33: THE MAN WITH THE GOLDEN ARM (Otto Preminger)

man_with_the_golden_arm Quarantainedag 33!

Vandaag in CINEMA CORONA‘THE MAN WITH THE GOLDEN ARM’, een excellent klassiek gangsterdrama van Otto Preminger.

In de hoofdrol Frank Sinatra, die hier bewijst dat hij behalve een topzanger ook een topacteur was. Sinatra speelt Frankie Machine, die net uit de gevangenis ontslagen is en terugkeert naar zijn vrouw Josh, die sinds een vreselijk auto-ongeluk (met een dronken Frankie aan het stuur) aan haar rolstoel gekluisterd zit.

Maar hij keert niet alleen terug naar zijn familie, want hij wordt in de North Side van Chicago ook
meteen weer in de armen gesloten door zijn oude entourage van kleine criminelen: Schwiefka (die een illegale goktent beheert), Sparrow (die een schimmig handeltje in honden runt) en Louie, zijn oude drugsdealer.

Tijdens zijn tijd binnen is Frankie erin geslaagd af te kicken van zijn heroïneverslaving, en hij wil het nu proberen als drummer. Maar aan afgekickte drummers heeft Louie uiteraard niks…

‘The Man With The Golden Arm’ is een bijzonder stevig, zelfs grimmig drama dat op een voor die tijd (zijnde 1955) erg open manier het thema van drugsverslaving aansneed – zeker omdat een toenmalig tieneridool de hoofdrol speelde.

Naast de vertolking van Sinatra en de film noir-achtige sfeer is er bovendien nog veel meer om van te genieten: de geweldige, door grootmeester Saul Bass ontworpen titelsequentie, de jazzy soundtrack van Elmer Bernstein, de excellente cast met o.a. Darren McGavin als de crapuleuze dealer en Kim Novak als de blonde femme fatale.

Eén van dé topfilms uit de fifties.

Enjoy, en blijf in uw kot!

CINEMA CORONA #32: THE CRIPPLED MASTER (Joe Law)

crippledmasters3
Quarantainedag 32!

U dacht dat het Coronavirus het meest verschrikkelijke was dat ooit uit China tot hier geraakte?

Wel: u denkt fout!

Ten bewijze hebben wij vandaag in CINEMA CORONA ‘THE CRIPPLED MASTER’ van Joe Law voor u klaarstaan, een film die van een zodanig verschrikkelijk slechte smaak getuigt dat we vinden dat elke zichzelf respecterende filmfan (maar vooral ook elke zichzelf niét respecterende filmfan) hem gezien moet hebben.
Want hey, in het Filmhuis voeren wij eclectisch programmeren hoog in het vaandel: de ene dag Chantal Akerman, de volgende Buster Keaton en vandaag dus bad taste van de onderste plank.

De plot draait rond twee  gehandicapte Kung Fu-meesters – de ene zonder armen, de andere zonder benen – die wraak willen nemen op de slechteriken. En jawel, de Kreupele Meesters zijn echt met twéé, de titel had dus eigenlijk ‘The Crippled Masters’ moeten zijn, maar het staat onmiskenbaar fout in enkelvoud op de titelrol!

En die titelblunder is maar het begin van de pret, want ‘The Crippled Master’ bevat werkelijk alles wat een foute film zo lekker fout kan maken.
Hilarisch slechte dubbing? Check!
Budget voor maar twee geluidseffecten (meer bepaald ‘yihàà!’ en ‘tsjik-tsjak!’)? Check!
Plotwendingen die een nog meer onduidelijke en verwarring zaaiende richting uitgaan zijn dan de persbriefings van Wouter Beke? Check!
Een vage, vale kopie die van een illegaal gekopieerde VHS van een andere illegaal gekopieerde VHS lijkt te komen? Check!
Totaal zieke gevechtsscènes? Check!
Een toeschouwer die na 90 minuten totaal verbluft achterblijft met de vraag ‘What the fuck did I just watch?’ ? Dubbelcheck!

Overigens geen idee wie ooit met het idee voor een film met gehandicapte Kung Fu-vechters is komen aanzetten, nog minder waarom een producer en een stel investeerders dat vervolgens een goéd idee hebben gevonden, en zo mogelijk nóg minder hoe ze uiteindelijk ooit effectief twéé gehandicapte Kung Fu-vechters hebben gevonden die dat scenario tot uitvoer konden en wilden brengen, maar: de film is gemaakt, en zorgde ervoor dat de gehandicapte vechters Jackie Conn en Frankie Shum echte sterren werden in het verre Oosten.

Probeert ú overigens maar eens in uw kot te oefenen tot u zonder armen te gebruiken nunchaku-stokjes kunt hanteren, of tot u zonder benen iemand een trap tegen zijn middenrif kunt toedienen.

Enjoy – en zoniet zijn we morgen gewoon weer terug met het iets smaakvollere gedeelte van onze programmatie!

CINEMA CORONA #31: THE SCARECROW (Buster Keaton)

Quarantainedag 31!scarecrow

Van alle geniale komedies die Buster Keaton ooit gemaakt heeft (en dat zijn er zeer vele), is het fenomenaal grappige ‘THE SCARECROW’ misschien wel de meest onderschatte en de minst bekende.

Daarom vonden we het hoog tijd die nog eens boven te halen voor onze CINEMA CORONA, vooral omdat onze collega’s van het onvolprezen Lucky Dog Picturehouse – een soort Filmhuis, maar dan met alleen stomme films begeleid door livemuziek – een versie met live pianomuziek online hebben gezet.
En met live publiek, dat makkelijk te herkennen is aan de lachsalvo’s op de achtergrond.

‘The Scarecrow’ gaat over twee vrijgezelle boerenknechten die samen in een huis wonen dat één kamer groot is (of in een kamer die één huis groot is, u mag zelf kiezen).

Dat samenleven gaat prima en verloopt via een perfect door henzelf uitgekiend technisch systeem – u moet het zien om het te geloven! – maar buitenshuis is er toch een probleem tussen de twee: ze dingen allebei naar de hand van de knappe boerendochter Sybil, die zelf droomt van een carrière als danseres.
En die een zeer beschermende vader heeft.
En die eigenares is van een dolle hond…

‘The Scarecrow’ is een werkelijk héérlijke komedie, die letterlijk van de eerste tot de allerlaatste seconde volgepropt zit met dolle gags, klassieke Keaton-stunts, slapsticktoestanden, geweldige visuele vondsten, wilde achtervolgingen én (voor de oplettende kijker) zelfs enkele politieke grappen.
En ook al is de film exact 100 jaar oud, hij vliegt werkelijk in een rotvaart voorbij.

De soundtrack die u hoort is live bij de film gespeeld door Andrew Oliver.

Enjoy, en blijf in uw kot!

CINEMA CORONA #30: ‘DE DIKKE EN DE DUNNE’, ‘A THERAPY’ en andere kortfilms van Roman Polanski

Quarantainedag 30!Therapy

Roman Polanski kent u uiteraard van magistrale langspeelfilms als ‘Repulsion’, ‘Chinatown’, ‘Rosemary’ Baby’, ‘Carnage’ of – onlangs nog – ‘J’Accuse’, maar ook op de korte afstand heeft hij al flink wat pareltjes geproduceerd.

We beginnen met ‘A THERAPY’, een korte film (of een lange reclamespot) die hij draaide voor Prada, met in de hoofdrollen Ben Kingsley en Helena Bonham Carter - geld was dus blijkbaar geen probleem voor de sjakossenfabrikant, maar het resultaat was er dan ook naar:

Dik een halve eeuw eerder maakte hij ‘DE LAMP’ (‘Lampa’, 1959), het afstudeerproject van zijn klasgenoot Krzysztof Romanowski dat door Polanski geregisseerd werd. Met dit verhaal over een poppenmaker die zijn hele hebben en houden in vlammen ziet opgaat bewijst Polanski dat hij eigenlijk niet veel meer nodig heeft dan een stel poppen om een uiterst creepy, sinistere film te creëren – een soort David Lynch-film avant la lettre, zeg maar.

Eén van zijn eigen studentenfilms was ‘LET’S BREAK THIS BALL’ (‘Rozbijemy Zabawe’), een korte sfeerschets over een stel nozems die de tijdens een jongerenfeestje de boel op stelten komen zetten.
De film dateert uit 1957, wat de zeer rock-‘n-rolle, ‘Rebel Without A Cause’- achtige sfeer en het tijdsbeeld dat van de Poolse jeugd geschetst wordt des te merkwaardiger maakt: Polen was toen nog een communistische dictatuur waar jonge rebellie niet echt op prijs werden gesteld.
Polanski speelt zelf overigens één van de party crashers.

Terug naar meer recentere tijden met ‘GREED’, een grappige, cynische nepcommercial voor een parfum dat de geur van de moderne tijd.
Met Natalie Portman en Michelle Williams.

En ten slotte hebben we ‘DE DIKKE EN DE DUNNE’ (‘Le Gros Et Le Maigre’), een cynische, bijna slapstick-achtige komedie uit 1961 over een vadsige dikzak die zijn magere knecht zwaar onder de knoet houdt, en die zelfs te lui is om te gaan pissen.
Polanski speelt zelf de rol van de knecht.

Enjoy, en blijf in uw kot!